“Schip is territoir”. Observaties ter verdediging van de reputatie van Italië

Aanleiding is de kwestie van de weigering afgelopen week van de Italiaanse regering om de 629 geredde drenkelingen van het schip Aquarius in Italië aan land te laten komen (algemeen bekend, zie bijv. https://nos.nl/artikel/2236170-italie-oogst-kritiek-maar-ook-lof-voor-het-weigeren-van-de-aquarius.html). Volgens minister Salvini (van de onwrikbaar intolerante Lega – nog steeds nadrukkelijk “Nord”) heeft Italië inmiddels meer dan genoeg kooltjes uit het vuur gehaald voor de EU. Laat een ander maar eens wat mensen opnemen, is de gedachte, of liever gezegd: laat de NGO’s de mensen die ze opvissen maar naar hun eigen havens brengen en ze niet steeds op de kades van Italië achterlaten. Niet alle Italianen waren het eens met het harde besluit van de (nieuwe) regering – de burgemeesters van Palermo, Messina en Napels verklaarden zich bereid het overheidsbeleid te trotseren en hun havens open te stellen ( burgemeester van Napels De Magistris, zie http://www.repubblica.it/politica/2018/06/10/news/de_magistris_il_porto_di_napoli_pronto_ad_accogliere_i_migranti_-198662406/?refresh_ce). De Spaanse overheid stelde dat de drenkelingen welkom waren om naar Valencia te komen. En zo konden de Spanjaarden opeens héél sociaal, open en gastvrij voorkomen terwijl ze, verschanst achter hoge hekken in de enclaves Ceuta en Melilla en beschermd door de woeste zee met het Fort van Gibraltar als extra buffer, tot dusver in feite veel te weinig migranten hebben opgevangen. [zie update 18 juni 2018 in eindnoot helemaal onderaan.] Ten koste van de reputatie van Italië. Erger is het misbruik dat de Fransen van de situatie hebben gemaakt. Ongetwijfeld met de bedoeling om toekomstige zwevende kiezers met veel bombarie te demonstreren hoezeer de wereld zou vervallen indien populisten (zoals ook die van Le Pen) aan de macht zouden komen, bestempelde Macron de Italiaanse beslissing als cynisch en onverantwoordelijk. Een prominent figuur in zijn partij En Marche noemde het zelfs “om te kotsen”. En zo kon Italië weer eens fijn dienst doen, in Italië net als in Spanje, om een puntje te scoren voor de eigen politieke belangen.

Gelet op de diplomatieke spanningen tussen Italië en Frankrijk doe ik graag de volgende observaties:

Observatie nr. 1. Italië heeft in de afgelopen twee periodes van de rapportage in absolute aantallen méér asielaanvragen geregisteerd dan Frankrijk.

Ik ontleen mijn informatie aan het rapport over de “Mid-Trends” van juni 2017 van de UNHCR (http://www.unhcr.org/statistics/unhcrstats/5aaa4fd27/mid-year-trends-june-2017.html – p. 16, tabel 7; met een waarschuwing voor voorzichtigheid in de overweging van de gegevens op p 17).

Van de Europese landen registreerde Duitsland in de eerste helft van 2017 het hoogste aantal asielaanvragen, met 101.000, in sterk contrast met de 387.700 in de eerste helft van het jaar ervoor. Op de tweede plaats van Europese landen kwam Italië met 71.200 geregistreerde aanvragen in de eerste helft van 2017 tegenover 49.100 in de eerste helft van het jaar ervoor.  Frankrijk stond op de derde plaats met 43.300 in de eerste helft van 2017.

     jan-jun 2015                 jan-jun 2016             jan-jun 2017

Duitsland             159.900   ––––––       387.700     ––––––       101.100

Italië                        30.100   ––––––          49.100     ––––––        71.200

Frankrijk              niet in tabel                       35.800   ––––––        43.300

Observatie nr. 2. Proportioneel registreerde Italië in de eerste helft van 2017 ongeveer twee keer zoveel geregistreerde asielzoekers dan Frankrijk en grofweg evenveel als Duitsland.

Gerekend naar percentages van inwoneraantallen kom ik uit op bijna 12 geregistreerde asielaanvragen per 10.000 inwoners van Italië tegenover iets meer dan zes per 10.000 inwoners van Frankrijk. De berekening gaat uit van voornoemde gegevens van de UNHCR en, voor de bevolkingsomvang, van countryeconomy.com (https://countryeconomy.com/countries/compare/italy/france?sc=XE92). Het aantal inwoners van Duitsland bedroeg op het eind van 2016 maar liefst 82,521,653. Italië had aan het eind van 2016 een inwonersaantal van 60,589,445. Frankrijk telde toen 66,989,083 inwoners.

Het aantal geregistreerde asielaanvragen per tienduizend inwoners bereken ik als volgt:

Duitsland (1eH 2017). 101.100 asielzoekers gedeeld door 8.252,1653 eenheden van tienduizend inwoners = 12,25 asielzoekers per 10.000 inwoners. Iets meer dan 12 mensen op de tienduizend.

Italië (1eH 2017). 71.200 asielzoekers gedeeld door 6.058,9445 eenheden van tienduizend inwoners = 11,75 asielzoekers per 10.000 inwoners. Bijna 12 mensen op de tienduizend.

Frankrijk (1eH 2017). 43.300 asielzoekers gedeeld door 6.698,9083 eenheden van tienduizend inwoners = 6,46 asielzoekers per 10.000 inwoners. Dat zijn iets meer dan 6 personen op de tienduizend.

Observatie nr. 3. Een deel van de toename van het aantal geregistreerde asielaanvragen in Italië wordt toegeschreven aan de “defensieve” acties van de buurlanden in Europa.

Het UNHCR rapport acht de toename van het aantal geregistreerde asielaanvragen in Italië in de eerste helft van 2017 ten opzichte van de eerste helft van 2016 opmerkelijk:”this increase was not seen in the reported sea arrivals to italy and it is likely that there is now improved registration upon arrival as well as increased controls at land borders in northern italy leading to more people registering their asylum applications in italy and remaining in the country.”

Dat laatste verwijst, voor althans de Franse grens, naar de structurele acties om migranten die de Italiaans-Franse grens proberen over te steken, zoals bij Ventimiglia-Menton, actief op te sporen en terug te sturen. Op 11 juni 2015 heeft Frankrijk daar plotseling en zonder overleg weer grenscontroles ingesteld, in strijd met het Schengen verdrag, met de bedoeling om de doorstroom van migranten vanuit Italië te stoppen. [Zie update 15 juni 2018, aan het einde van deze sectie; de huidige alinea heb ik ook meteen een klein beetje aangepast.] De Italianen hebben herhaaldelijk bezwaar gemaakt tegen deze unilaterale beslissing én tegen feit dat de Fransen bij  tijdens die operaties herhaaldelijk op Italiaans grondgebied komen (lees: de busjes met opgepakte migranten rijden Italië binnen om de mensen daar weer los te laten). Oxfam heeft de situatie net grondig gedocumenteerd met uiteraard specifieke aandacht voor de vele misstanden en schendingen van mensenrechten die in de zaak betrokken zijn (zie de update van 15 juni 2018 hieronder).

Ik heb over die Ventimiglia-Menton kwestie eerder al over geschreven, in een stukje op Facebook, dat ik hier gemakshalve reproduceer. “Aan de poort van de riviera bij Ventimiglia welt een vloed van vluchtelingen op. Melodramatisch gesteld misschien, maar in de afgelopen 5 dagen zijn er voorbij de grens met Italië maar liefst 944 asielzoekers aangehouden door de Franse gendarmerie, Afrikanen vooral, die op weg waren naar Nice. Ze worden opgewacht door de Franse politie die – zonder verder persbericht – zich in versterking hebben opgesteld op het spoorwegstation, in de passen en zelfs op het tolstation van de snelweg. Wie geen goede papieren heeft, wordt “terug gestuurd” naar Ventimiglia. Schengen blijft van kracht, merkt men op, maar de ophaalbrug gaat toch omhoog. En Ventimiglia wordt het nieuwe Lampedusa aan de riviera.” (Facebook 17 mei 2015, met verwijzing naar https://www.corriere.it/cronache/15_maggio_17/confine-francia-blindato-migranti-ue-7ec837b8-fc5e-11e4-9e3e-6f5f0dae9d63.shtml).

UPDATE 15 juni 2018 – Oxfam rapport van Giulia Capitani, “NOWHERE BUT OUT. The failure of France and Italy to help refugees and other migrants stranded at the border in Ventimiglia”

Een dag na het schrijven van dit blogstuk verscheen een “Oxfam briefing paper” van Giulia Capitani over de kwestie van de vluchtelingen en migranten die gestrand zijn in Ventimiglia. De abstract luidt: “In Ventimiglia, near the border between Italy and France, refugees and other migrants are living rough, without access to the most basic services. Women, men and children are ‘pushed’ out of the Italian asylum system, which often fails to meet their most basic needs for safety, information and education. Across the border, the French police meet children with abuse, and send them back to Italy in violation of French and EU law. Stranded, hundreds of people are unable to seek even basic support.” Het rapport is beschikbaar voor download en de lectuur is van harte aanbevolen ((https://d1tn3vj7xz9fdh.cloudfront.net/s3fs-public/file_attachments/bp-nowhere-but-out-refugees-migrants-ventimiglia-150618-en.pdf; cf. http://www.repubblica.it/cronaca/2018/06/15/news/oxfam_polizia_francese_bambini_migranti-199062256/).

Observatie nr. 4. Frankrijk komt de afspraken over de verdeling van asielzoekers – immigranten niet na en dat gaat direct ten koste van Italië (en Griekenland).

Het “Dublin-verdrag” bepaalt dat het land waar de asielzoeker de EU binnentreedt ook verantwoordelijk is voor het in behandeling nemen van de asielaanvraag; verder zijn er in het verlengde van het oorsponkelijke verdrag afspraken gemaakt over het nader verdelen van asielzoekers over de verschillende lidstaten (zie eindnoot). Zoals bekend komt er van die verdeling weinig terecht en daardoor worden vooral Griekenland en Italië onevenredig zwaar getroffen. Ik heb een paar dagen geleden al op Facebook een kaartje van de UNHCR geplaatst (UNHCR: EU Emergency Relocation Mechanism as of 31 December 2017″, https://data2.unhcr.org/en/documents/download/62510). Daarop kun je zien dat alleen Malta 100% scoort en dat Luxemburg (met 99%) en Finland (met 95%) zo goed als voldoen aan de toezeggingen / toewijzingen. Zweden staat aan kop (met 75%) van een groep landen die boven de 50% scoren (Letland 67%, Litouwen 57%, Portugal 51%). Een groep met een ondermaatse score van iets tot ruim onder de helft wordt aangevoerd door Cyprus (45%), gevolgd door Nederland en Estland met beide 44%, Slovenië met 41% en Duitsland met 37%. Met hun trieste scores vormen Frankrijk (25%), België (29%), Roemenië (17%) en, onderin, Spanje (14%) de wat mij betreft een na laagste groep die ik labbekakkerig zal noemen. Compleet onwelwillend mogen we de hekkesluiters van overwegend Midden en Oost-Europa noemen: Kroatië (8%), Bulgarije (5%), Slowakije (2%), Oostenrijk (1%), Tsjechië (0,4%), Hongarije en Polen (0%).

Observatie nr. 5. Schepen zijn verplicht om drenkelingen te redden maar de dichtsbijzijnde kuststaten zijn niet verplicht om de gereddenen op te nemen. 

In de afgelopen jaren hebben we herhaaldelijk de suggestie gehoord dat buitenlandse NGO’s, door in de zee tussen Sicilië en Noord-Afrika migranten uit de gevaarlijke boten halen en ze vervolgens steevast naar (Malta of) Italië te brengen, eigenlijk de functie vervullen van een “veerdienst”. Uiteraard komt die suggestie vaak van Italiaanse zijde, waarbij zelfs de suggestie is geuit dat er sprake kon zijn van samenspanning tussen NGO’s en mensensmokkelaars (https://www.bbc.com/news/world-europe-39686239). Maar ook in Nederland hebben we gehoord hoe een bewindsman de suggestie deed om vooral niet te ver buitengaats te gaan omdat je dan teveel vluchtelingen zou dreigen op te pikken. “Volgens Teeven is het redden van vluchtelingen die de oversteek wagen naar Europa geen taak voor de Europese Unie. ‘We moeten geen veerdienst voor vluchtelingen in stand houden’, zei de staatssecretaris.” (https://www.nporadio1.nl/dit-is-de-dag/onderwerpen/250122-teeven-verkoopt-kletspraat).
Het goed bedoelde “vrijbuiter” gedrag (als het ware) van de NGO’s  gaf de openbaar aanklager van Catania in maart 2018 aanleiding om het schip Open Arms van de Catalaanse hulporganisatie Proactiva (de enige “Spaanse” NGO die toen in dit gebied opereerde: https://www.proactivaopenarms.org/en/who-are-we) in de haven Pozzallo aan de ketting te leggen op beschuldiging van “de bevordering van de clandestiene immigratie en deelname aan een criminele organisatie”. Het schip zou naar aanleiding van een melding van de Italiaanse kustwacht 218 immigranten in lekkende bootjes hebben opgepikt op 73 mijl uit de kust van Libië in weerwil van de instructies van de Libische kustwacht, die daarop ook ter plaatse was gekomen en de drenkelingen ter redding opeiste, gewapenderhand zelfs, met het argument dat men zich bevond in het gebied dat zij ter patrouille aangewezen hadden gekregen. Mogelijk wilden de Libiërs een mooie sier maken of waren ze er in ieder geval op gebrand om in de vervulling van hun plicht serieus te worden genomen.

(https://www.bbc.com/news/world-europe-43455555; https://www.theguardian.com/world/2018/mar/24/proactiva-open-arms-rescue-boat-saved-218-from-drowning-mediterranean-migrants; cf. https://politica.elpais.com/politica/2018/03/18/actualidad/1521407725_373128.html).

Volgens dit verslag van de BBC: “On Thursday, the rescue ship went to help two boats 73 miles off the Libyan coast, after a notification by the Italian coastguard. However the Italians then told the Spanish group’s ship that the Libyan coastguard was in charge of the operation, according to the AFP news agency. Proactiva Open Arms’ founder Oscar Camps tweeted that the Libyan patrol boats threatened to open fire on their rescue dinghies and demanded the charity hand over “the women and children” they had rescued. The group refused. The Libyan Navy, meanwhile, accused Spanish group of “starting a contest with Libyan coastguards to rescue migrants” in an area where the Libyans are the “legally-mandated authority”. “The [Proactiva Open Arms] boat had observed the approach of the [Libyan] patrol boats,” said a statement published on Afrigate News website. “It started to unload two inflatable boats with the aim of reaching the boat carrying the migrants, as if we were not [in the midst] of an operation to rescue humans, but in a [race] to acquire spoils”. The Libyan coastguard eventually called off its operation.” (https://www.bbc.com/news/world-europe-43455555).

In het geval van de Open Arms is door de Italiaanse aanklager aanstoot genomen aan de weigering van de kapitein om de instructies van de Libische kustwacht op te volgen en moedwillig te kiezen – op humanitaire gronden overigens volkomen begrijpelijk wat mij betreft – voor een evacuatie van de drenkelingen naar een haven in de EU. Door de afspraak met de Libische kustwacht wordt “locatie” een moeilijker begrip. De Italiaanse en de Libische kustwacht patrouilleren tot ver voorbij hun eigen wateren.  Algemeen gesproken, dienen schipbreukelingen of drenkelingen naar de dichtsbijzijnde haven te worden gebracht, zo zou de regel van het zeerecht zijn. Italië wordt nu met de Aquarius affaire beticht van het breken van die regel. Maar de NGO’s nemen de regel misschien ook niet altijd even letterlijk wanneer ze de mensen die waren opgevist dichter bij de kusten van Tunesië of Libië toch naar het dichtsbij gelegen punt van Europa brengen. Bovendien is het de vraag of die verplichting bestaat, begrijp ik uit een NRC artikel van 8 juni 2006:

“De International Maritime Organisation (IMO), een VN-organisatie, dwingt kuststaten niet vluchtelingen op te nemen die in hun territoriale wateren zijn opgepikt. Dit zou landen met een lange kustlijn of gelegen aan drukke vaarroutes te veel benadelen. Kuststaten hebben alleen de plicht ‘coördinatie’ en ‘samenwerking’ te betrachten bij het overbrengen van opgepikte drenkelingen naar een veilige plaats.” (https://www.nrc.nl/nieuws/2006/06/08/kuststaat-niet-verplicht-tot-opname-drenkelingen-11141767-a904293)

Het lijkt erop dat er niks mis was met de beslissing van de Italianen, deze week, om er toch snel voor te zorgen dat de opgeviste drenkelingen op de Aquarius netjes werden herverdeeld over drie schepen, alledrie nu goed uitgerust en bevoorraad, opdat de gereddenen aldus veilig op afspraak naar Valencia konden worden gebracht.

Observatie nr. 6. ‘schip is territoir’

De Italiaanse minister Salvini – die ik met zijn hele partij van xenophobe cultuurbarbaren in alle opzichten grondig verafschuw – heeft mijns inziens wél volkomen gelijk wanneer hij zegt dat de zorg voor een geredde drenkeling (en daarmee de plicht tot het accepteren van een asielaanvraag) toevalt aan het land waartoe het schip behoort. De vraag voor mij is dan wel of dat land bepaald wordt door de vlag waaronder het schip vaart of door de juridische zetel van de eigenaar of de partij die het schip in charter heeft.

Volgens het Academisch proefschrift over den volkenregtelijken regel: “Schip is territoir” van Rudolph George Philipson (Zwolle 1864) is niet alleen het territorium van een staat beschermd door het soevereinrecht maar kunnen ook enkele bijzondere objecten daarbuiten onderworpen worden aan de wetsmacht van de staat, te weten, de woonplaats van een gezant in het buitenland, de verblijfsplaats van een staatshoofd in het buitenland, de standplaats van het leger in het buitenland, “Het gedeelte der volle zee, bezet door een vloot of door een schip” en “Dat schip zelf, waar het zich ook moge bevinden”. Aan deze onderwerping dankt het schip zijn onschendbare soevereiniteitsrecht:  „le navire est la continuation ou prorogation du territoire” (het schip vertegenwoordigt, is een deel van het grondgebied, of kortweg: schip is territoir)” (Rudolph George Philipson, Academisch proefschrift over den volkenregtelijken regel: “Schip is territoir” , Zwolle 1864, pp. 6-7, https://dspace.library.uu.nl/handle/1874/289976).

Die soevereiniteit is vastgelegd in een register en moet worden gedemonstreerd met “de vlag”.

“The foundation of the maintenance of order on the high seas has rested upon the concept of the nationality of the ship, and the consequent jurisdiction of the flag state over the ship. It is, basically, the flag state that will enforce the rules and regulations not only of its own municipal law but of international law as well.” (Malcolm N. Shaw, International Law, Eighth Edition, Cambridge 2017, 455; zie 455-457 voor de uitwerking met “the genuine link” tussen de nationaliteit van het schip en de uitbating ervan, waarmee misschien ook die van de eigenaar en charter toch in overweging zouden kunnen komen – dat weet ik niet).

De Aquarius vaart onder de vlag van Gibraltar (https://en.wikipedia.org/wiki/Aquarius_(NGO_ship)) dus, in het eerste geval, zouden de drenkelingen, zodra ze aan boord kwamen, eigenlijk zijn aangekomen in het Verenigd Koninkrijk. In het tweede geval moeten de mensen naar Duitsland worden gebracht voor hun eerste aanvraag want de eigenaar van het schip, SOS Mediterranee (zonder accenten), zit in Berlijn (https://twitter.com/SOSMedGermany). In het derde geval zouden ze, als niet naar Duitsland, wellicht naar België moeten denk ik omdat de hoofdzetel van Artsen zonder Grenzen, die samen met SOS Mediterranee met de Aquarius opereert, in Brussel is gevestigd.

Intussen nemen de Italianen gewoon nog steeds netjes de vele drenkelingen op die ze met eigen schepen meebrengen, zoals nu weer de 932 mensen van het schip Diciotti in Catania op 13 juni 2018 (http://www.lasicilia.it/news/cronaca/167470/sbarca-a-catania-nave-diciotti-con-932-migranti-a-bordo-anche-due-cadaveri.html). 

Conclusie

De Franse verontwaardiging over de Italiaanse beslissingen in de zaak Aquarius is niet op zijn plaats en komt me eerlijk gezegd behoorlijk hypocriet over (in het Steenkolen Frans: “Pardon monsieur Macron, mais vous aves du beurre sur ta tête”.)  Net als de algemene bejubeling van de grootmoedigheid van de Spanjaarden. Als het werkelijk zo erg is dat Salvini’s partij (weer) in de regering van  Italië is terechtgekomen, dan hadden de EU lidstaten eerder meer moeten doen om, zoals herhaaldelijk verzocht, de onevenredige last van de migrantencrisis te verlichten die Italië nu al jaren moet dragen door louter geografische factoren. En we hebben gezien hoe Frankrijk die last alleen maar heeft helpen verzwaren uit eigenbelang. Misschien is het leuk om te vertellen dat op de sociale media in Italië allerlei beschuldigingen worden geuit, aan het adres van Frankrijk, van neokolonialisme – daar wordt een deel van de armoede in de landen bezuiden de Sahara, die de mensen uit vooral de voormalige kolonies van Franrijk verdrijft, geweten aan de aanhoudende schuldenlast aan Franse instellingen en bedrijven. Ik zwijg daar verder over (zie voor de insinuaties bijv.https://www.facebook.com/mamafricaonlus/posts/2590945074264895; maar alles blijft daar verder zonder verwijzingen). Maar ik ben wel erg benieuwd naar de argumenten die teruggaan op het zeerecht. Indien ik daar meer over heb gevonden, meld ik me weer. 

Eindnoot. Mijn Facebook tekstje van 6 maart 2018

“De uitslag van de Italiaanse verkiezingen bezorgt de EU een nieuwe hoofdpijn. Ja, dat wordt een hoop gedoe om een regering te vormen met al die protestpartijen. Maar misschien had de EU meer bij de lidstaten moeten aandringen op een snelle en eerlijke verspreiding van vluchtelingen en migranten. Ze hebben Italië immers compleet laten barsten. Italië kon de migranten niet doorsturen. Afrikanen werden en worden bij Menton steeds weer teruggebracht naar Ventimiglia. Zijn migranten aan land gebracht in Italië, zo is de oorspronkelijke regel van “Dublin”, dan moet dat land voor de opvang zorgen (volgens mij VERORDENING (EU) Nr. 604/2013 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 26 juni 2013, Artikel 13: http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/…). Eerlijk is eerlijk, zo redeneert men inmiddels geheel hypocriet, want zodra er een rubberboot met Gambianen bij Scheveningen landt, zullen de Nederlanders die ook gewoon opvangen. Geen bootje is natuurlijk ooit zover gekomen. Er zijn aanpassingen en uitbreidingen van de afspraken gekomen in 2013 en 2016 (Dublin III en IV,, waarvoor zie, met doorverwijzingen, https://ec.europa.eu/…/…/asylum/examination-of-applicants_en). Maar in de praktijk lijkt er van de overdracht van verantwoordelijkheid voor de opvang van migranten van het ene EU land naar het andere weinig terecht te komen: er is steeds gedoe over bijvoorbeeld de correcte manier van “dossiervorming” (waarvoor zie bijv. het evaluatierapport van Dublin III: https://ec.europa.eu/…/evaluation_of_the_implementation_of_…). Allemaal zeer gewichtige kost. Maar Italië mocht het intussen zelf uitzoeken. En nu zijn de verkiezingen grondig verstoord geraakt door xenofobe stress. En dan worden politici in andere Europese hoofdsteden opeens wakker met hoofdpijn. Tja, de hypocriete wijze waarop men uit eigen nationaal belang de Europese samenwerking frustreert verklaart toch ten minste deels het succes van het groeiende populisme in Europa.

N.B.: ik blijf overtuigd aanhanger van het Europese project maar besef steeds meer hoezeer het najagen van de belangen van de natiestaten – “de natiestaat” die bij ons in Baudet helaas een kruisvaarder heeft gevonden – het succes van het project bedreigt.

(Facebook 6 mei 2018, met verwijzing naar https://www.theguardian.com/world/2018/mar/06/italy-germany-election-coalition-eu-crisis-angela-merkel).

Update 18 juni 2018: De migranten die oorspronkelijk op de Aquarius uit de nabijheid van Libische wateren langs Malta en Italië zijn gebracht, zijn afgelopen week verdeeld over drie schepen (waaronder de Aquarius) en compleet met verzorgers (psychologen, sociaal  werkers, vertalers etc.) naar Valencia gebracht (in tegenstelling tot wat Rop Zoutberg op het NOS journaal suggereerde met zijn beeld van migranten die verstoken van hulp een week lang moesten “ronddobberen” op de zee). Daar gisteren aangekomen, is bepaald dat ze zouden worden verdeeld over in ieder geval de steden Valencia, Barcelona en Madrid (die een structuur daartoe op het niveau van stedelijk overleg paraat hebben). Zoals ik stelde in mijn tekst, ziet het er naar uit dat de nieuwe regering van Spanje mooie sier wil maken met het genereuse gebaar van deze opvang (net zoals ze nu worden gevierd in bijvoorbeeld The Economist om hun vooruitstrevendheid in het grote aandeel vrouwelijke bewindslieden; terwijl ze nog steeds hebben verzuimd zich in te spannen voor de vrijlating van de Catalaanse politieke gevangenen). Inderdaad werd de pers met busladingen naar de haven gebracht om de aankomst groots te verslaan. PR-momentje! Ignasi Calbó, coordinator van de vluchtelingenopvang in Barcelona (de stad die nu Aquarius-100 mensen vanuit Valencia opneemt), vindt nu echter wel dat de nieuwe socialistische regering het humanitaire gebaar van de verwelkoming van de Aquarius migranten ook moet ondersteunen met financiering. “We’ve had 10 years of the People’s party who have done nothing to deal with refugees and immigration and have done nothing for the cities that are in the frontline when it comes to migration.”
(https://www.theguardian.com/world/2018/jun/18/barcelona-calls-for-extra-state-aid-to-help-settle-aquarius-arrivals). 

 

De tweetaligheid in Catalonië als koloniaal instrument (De Catalaanse Troebelen 29)

De minister van Cultuur in de nieuwe regering van Catalonië, Laura Borràs i Castanyer, heeft deze week ter introductie van haar toetreding het Castiliaans (=Spaans) een “opgelegde taal” genoemd. Het gedwongen gebruik van het Spaans, de “linguistische substitutie”, maakt volgens haar deel uit van het “kolonisatieproces” dat Catalonië heeft moeten ondergaan (https://www.elperiodico.com/es/politica/20180529/laura-borras-consellera-cultura-manifiesto-koine-bilinguismo-6846737). 

Zoals ze eerder had verklaard als mede-ondertekenaar van het manifest van de Grup Koiné op 31 maart 2016 (voor haar ondertekening, zie http://llenguairepublica.cat/prodsite/wp-content/uploads/2016/04/Llista-tancada-de-primers-signants-llegida-al-Paranimf.pdf), vond de gedwongen subsitutie van de endogene taal van Catalonië (dus “van binnen uit ontstaan”) door die van de politieke overheersers plaats vanaf de annexatie van Catalonië in 1714 (voor de tekst van het manifest van de groep Koiné, een verzameling taalkundigen,onderwijsdeskundigen, schrijvers, vertalers en juristen, dat uitdrukkelijk gericht is op de “linguistische normalisatie van het onafhankelijke Catalonië”, in versies van october 2015 en maart 2016, zie http://llenguairepublica.cat; of https://estaticos.elperiodico.com/resources/pdf/3/6/1459435084463.pdf?_ga=2.15948016.795179698.1528356009-2092597051.1501226203)
       

Laura Borràs i Castanyer (foto 15 october 2016 Wikimedia Commons, attr. “Catosfera”)

De Catalaanse taal (en cultuur) heeft de twee eeuwen van Castiliaanse taaloverheersing overleefd, over de gehele duur in de private sfeer en vanaf het midden van de 19e eeuw ook in de publiekelijk zichtbare culturele bovenlaag dankzij een grotendeels clandestiene “wedergeboorte” (de “Renaixença”) zodat die zich gezond en wel kon manifesteren in de vrijheid van de Tweede Spaanse Republiek (1931-1939). Maar daarna werd de taal opnieuw onderdrukt, over de gehele linie vanaf 1939, met de wraakzuchtige ongenadigheid van de Franquistische dictatuur. Ook na de transitie naar een constitutionele parlementaire monarchie in 1978 is de onderschikking van het Catalaans gehandhaafd gebleven. De taalkundige overheersing door het Castiliaans is sindsdien, net als tijdens de periode van Franco, nog in de praktijk verder in de hand gewerkt door de bevordering van de immigratie van Castiliaans-sprekenden als onwillekeurig instrument van de taalkundige kolonisatie (“la utilització d’una immigració arribada de territoris castellanoparlants com a instrument involuntari de colonització lingüística”). Ondanks de wisselende mate waarin de taal politiek en juridisch nog kon worden gewaarborgd, in het regionaal bestuur en het onderwijs, is toch het Catalaans een levende taal gebleven. Die taal is ook nadrukkelijk zuiver gebleven en dus door de praktische “onderdompeling” (“immerció”), als het ware in een Castiliaans badwater, niet gedegradeerd tot een een soort dialect van het Castiliaans.

De Groep Koiné klaagt de politieke ideologie van de “tweetaligheid” van Catalonië aan met de gedachte dat het abnormaal is, en in iedere andere context zal dat ook zo algemeen worden geacht, dat een regering de verdringing zou aanmoedigen van een inheemse taal door de taal van immigranten. De tweetaligheid was en is een instrument van Spaanse overheersing. 

 

Oké, Laura Borràs zet dus mooi de toon voor het beoogde beleid van de nieuwe regering van Qim Torra. Die gaat met de blik gericht op de realisatie van de Catalaanse Republiek binnenkort onderhandelen met een eveneens nieuwe regering van Spanje, waarin de Catalanisten felle tegenstand zullen ondervinden van onder meer minister Josep Borell, Catalaan van geboorte maar een overtuigd unionist en onbehoorlijk aggressief tegenstander van de Catalaanse onafhankelijkheid.  

De tegenvoeter van Laura Borràs in die Spaanse regering is Màxim Huerta. Deze huidige Spaanse minister van Cultuur stelde in 2010 dat hij “al dat Catalaanse gedoe maar heel provinciaal” vond en dat hij “schijt in de sodemieter van de seperatisten” (“A mi todo esto del estatut me parece tan provinciano…”; cf. “Me cago en el puto independentista”, een variatie op de Spaanse zegswijze “ik schijt in de melk van de hoer die jou heeft gebaard”, maar dan nu met een manhoer, dus zonder melk – of zou dat een melkhoer zijn ? – kortom zijn gekwetter is alleszins erg onbeschaafd: http://elmon.cat/politica/nou-ministre-cultura-esborra-piulada-racista-sobre-persones-negres-franca). Ook heeft hij gemeend allerlei xenofobe en racistische kreten te moeten twitteren zodat je begrijpt waarom er nu al wordt geroepen om zijn aftreden (http://elmon.cat/politica/jxcat-demana-que-nou-ministre-cultura-no-prengui-possessio). 

Onthoud die naam: Màxim Huerta. Deze man is duidelijk een aanwinst voor de regeringsploeg van de Spaanse PSOE!

Màxim Huerta op de boekenbeurs van Madrid in 2016 (Wikimedia Commons attr. Dicasto)

Màxim Huerta op de boekenbeurs van Madrid in 2016 (Wikimedia Commons attr. Dicasto)

 

Update 13 juni 2018. Nog maar net geïnstalleerd als minister van Cultuur van Spanje, is Màxim Huerta – de grote belofte van de PSOE – misschien alweer op weg naar buiten. Hij blijkt vorig jaar te zijn veroordeeld voor belastingfraude en daarbij ging het om grote bedragen (https://politica.elpais.com/politica/2018/06/13/actualidad/1528873407_405868.html). (Kun je dan nog een verklaring van goed gedrag krijgen? Waarom wist “men” dat niet? Wordt zoiets verzwegen?) De huidige regering, waar hij dus deel van uitmaakt, kon alleen maar bestaan omdat men de vorige heeft laten vallen vanwege gebleken (en tevergeefs verdoezelde) corruptie in de regeringspartij (PP). Met deze man, die een paar jaar geleden heeft gekwetterd te schijten in [de moedermelk van] de hoeren die de Catalanisten hebben gebaard, probeerde de Spaanse PSOE regering dus de culturele belangen van het land te beheren en te bevorderen. Wat je noemt een shit-cultuur.

Rajoy heeft zijn broekriem te strak aangetrokken (De Catalaanse Troebelen 28)

Fel aangespoord door Rajoy en de zijnen heeft de Spaanse justitie (onder leiding van de rechter Llarena) de laatste maanden onophoudelijk doch geheel tevergeefs gezocht naar aanwijzingen dat het Catalaanse bestuur publieke middelen zou hebben gebruikt voor de organisatie van het Catalaanse referendum van 1 october 2017. Er is niets gevonden (zie bijvoorbeeld LaVanguardia van 29 april 2018). Zelfs de plastic stembussen met het logo van de Generalitat blijken met privaat geld te zijn betaald. Alleen het onderzoek naar de trein- en taxi-bonnetjes van de kiescommissie zou volgens de “jagers” misschien nog wat kunnen opleveren (El Món d.d. 2 mei 2018).
 
Stembus gebruikt in het referendum over Catalaanse onafhankelijkheid op 1 october 2017 (foto Màrius Montón, Wikimedia Commons)

Stembus gebruikt in het referendum over Catalaanse onafhankelijkheid op 1 october 2017 (foto Màrius Montón, Wikimedia Commons)

Niettemin beschouwt de Spaanse regering de Catalaanse rebellen nog steeds als gevaarlijke criminelen, al zijn de Spaanse rechters er evenmin in geslaagd om voor buitenlandse juristen (waaronder rechters in België, Schotland, Zwitserland en Duitsland en juristen belast, bij onder meer de VN en Amnesty International, met het waarborgen van de mensenrechten) aannemelijk te maken dat de verdachten zich schuldig zouden hebben gemaakt aan gewelddadigheid of de aansporing daartoe. Spanje heeft meerdere politici en leiders van burgerbewegingen nog steeds in “voorlopige” hechtenis zitten – in sommige gevallen nu al langer dan een half jaar – zonder recht op borgtocht, met beperkt bezoekrecht en onder strenge censuur. Internationaal wordt er steeds meer getwijfeld aan de politieke onafhankelijkheid van de Spaanse rechtspraak (zie bijv. https://www.ft.com/content/468e8138-539d-11e8-b24e-cad6aa67e23e).  
 
Diezelfde regering, geleid door premier Mariano Rajoy van de PP, is nu gisteren ernstig in verlegenheid gebracht door een reeks veroordelingen in de massale corruptie zaak “Gürtel” die al zeker sinds 2009 sleept (het staat in alle kranten, zie bijv. https://elpais.com/tag/caso_gurtel/a). De naam slaat op het Duitse woord voor “broekriem” dat een vertaling is van de eigennaam van de zakenman, Correa, die de spil vormde van het criminele netwerk dat de PP met een miljoenenspel diende in verkiezingen en dat aan de andere kant allebei zakenvrienden diende in onder meer de toekenning van aanbestedingen. Een grote groep prominente politici en bestuurders van de Partido Popular is, tezamen met meerdere ambtenaren en zakenlieden, 29 mensen bij elkaar, nu tot een totaal van 351 jaar veroordeeld wegens systematische corruptie, omkoping en belastingfraude in de periode 1999 – 2006 (voor meer over de zaak Gürtel en het systematische karakter van de politieke corruptie rond de PP over een langere periode, het verband met het Franquisme en de ondermijnende werking op de rechtstaat, zie  Ramón Cotarelo & José Manuel Roca, La Antitransición. La derecha neofranquista y el saqueo de España. Valencia: Tirant Humanidades 2015). De koningsspil Correa zelf kreeg 51 jaar. Volgens de het gewezen lid van de Audiencia Nacional en leider van het Gürtel onderzoek Baltasar Garzón zou nu zijn geoordeeld dat de PP zich vanaf het begin heeft bewogen langs de randjes van de wet en de democratische ethiek die past bij een rechtstaat (http://www.lasexta.com/programas/al-rojo-vivo/entrevistas/baltasar-garzon-tas-la-sentencia-del-caso-gurtel-la-justicia-es-lenta-como-un-elefante-pero-al-final-cumple-su-mision_201805245b06a9760cf27ac1a1b38ee2.html:”el PP se ha regido al margen de la ley prácticamente desde su inicio, según la sentencia”, parafrase van geluidsfragment vanaf ongeveer 04:12; ). De PP probeert zich nu, meer dan ooit, van de kwestie los te weken maar met weinig succes: zo wordt premier Rajoy nu verdacht van meineed. Of tenminste van onvolledigheid in zijn verklaringen tegenover de rechters vorig jaar. De Socialisten (Podemos en PSOE) zullen zijn regering misschien doen wankelen met een motie van wantrouwen (bijv. https://elpais.com/elpais/2018/05/24/inenglish/1527173372_872035.html). Tien tegen één dat veel critici zullen menen dat de grotere kopstukken van het criminele netwerk met deze finale alsnog grotendeels of geheel buiten schot zijn gebleven (Cotarelo & Roca 2015 indachtig, inz. p. 90: Aznar en Rajoy).  Ik ben zeer benieuwd. 
De hardvochtigheid waarmee de Catalanisten werden gefrustreerd in hun pogingen de eigen democratische burgerrechten te doen gelden is grotendeels te verklaren als “bliksemafleider” – ik heb daar eerder op gezinspeeld (http://www.lirb.nl/historia-the-historyliner/te-wapen-ze-openen-de-tolpoortjes/). Maar de bliksem sloeg gisteren toch in. In Madrid. De afleidingsmanoeuvre heeft ernstige gevolgen gehad ook voor  de geloofwaardigheid van de Spaanse Justitie. Die heeft gisteren misschien bewust een stoere daad willen stellen met de zware veroordelingen en is in ieder geval consequent in het uitdelen van harde klappen!  Maar goed, alles moet veranderen om alles bij hetzelfde te laten (met verwijzing naar Tomasi di Lampedusa). Ciudadanos staat in de wacht om de regeringsrol van de Partido Popular over te nemen. En het is maar de vraag of die verandering veel zal betekenen voor de kansen van de Catalaanse Republiek.

Ze puilen uit!

Het verdwijnen van de boekenkast. Met de “ontspulling en ontlezing” is de boekenkast is niet langer meer een vaste waarde in het interieur. Daarmee gaat helaas ook een hulpmiddel verloren om te zien wie iemand is, of zou willen zijn, stelt een columniste van het Financieele Dagblad vandaag vast. Elders wellicht maar niet bij mij thuis. Met het (knip)oog op de zelfaffichering toon ik nu graag een collage van foto’s van mijn boekenkasten – ze hebben nog steeds groeistuipen!

Beelden van mijn boekenkasten beneden op 9 mei 2018

Beelden van mijn boekenkasten beneden op 9 mei 2018

“Te wapen! Ze openen de tolpoortjes!!!” (De Catalaanse Troebelen 27)

De Guardia Civil heeft vandaag twee Catalaanse demonstranten opgepakt die een prominente rol (zouden) hebben gespeeld in de opening van tolpoortjes of juist de blokkade van snelwegen op 27 maart j.l. (https://politica.elpais.com/politica/2018/04/10/actualidad/1523342864_563615.html). De demonstranten deden dit om te protesteren tegen de arrestatie van Puigdemont in Duitsland en het harde optreden van de politiediensten tijdens de protestdemonstraties in Barcelona direct daarop. “There were also demonstrations in all four of Catalonia’s provincial capitals and major roads were blocked by sit-down protests amid a growing sense that the era of peaceful pro-independence demonstrations is over, despite appeals from the main secessionist parties for calm.” (https://www.theguardian.com/world/2018/mar/25/catalan-leader-carles-puigdemont-held-by-german-police). De arrestaties van vandaag markeren de praktische start van de door Rajoy op 3 april aangekondigde strijd van de Spaanse regering tegen de snel in getal en verspreiding groeiende “Committees ter Bescherming van de [Catalaanse] Republiek” (Comitès de Defensa de la República – CDR) ((https://politica.elpais.com/politica/2018/04/03/actualidad/1522748714_003598.html). Er was aangekondigd dat leden van de CDR bij demonstraties zouden worden vervolgd niet slechts wegens burgerlijke ongehoorzaamheid of verstoring van de openbare orde, maar nadrukkelijk ook voor rebellie. En zoals nu blijkt dus ook voor terrorisme – het openen van de tolpoortjes bij Sitges op 2 april wordt op deze manier een daad van geweld van de allerhoogste orde die strafbaar is met tenminste 30 jaar (http://www.ccma.cat/324/linforme-de-la-guardia-civil-sobre-els-cdr-que-llarena-ha-demanat-pel-cas-de-rebellio/noticia/2848134/ en http://www.ccma.cat/324/els-cdr-tallen-lautopista-c-32-a-sitges/noticia/2847895/). Dat riskeert nu de mevrouw die op sociale media een audioboodschap heeft verspreid waarin ze de demonstraties toelicht en met instructies aanbeval (https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180410/guardia-civil-dete-membre-cdr-protestes-peatges-setmana-santa-6746368). De CDR is in Spaanse ogen een criminele en zelfs terroristische organisatie. Pas op: de Catalaanse terroristen openen de tolpoortjes bij Figueres en Sitges!
 
En zo lijkt “het neo-Franquistische Rechts” (met verwijzing naar Ramón Cotarelo en Jose Manuel Roca, La Antitransición. La derecha neofranquista y el saqueo de España, Valencia 2015) opzettelijk in Catalonië de vorming van een terroristische organisatie als de ETA in de hand te werken (http://www.lavanguardia.com/politica/20180403/442150209888/cdr-kale-borroka-fiscalia.html). Want ze wíllen dat de Catalanisten gewelddadig worden.
Immers, dan zou het gemeenschappelijke vijandschap de Spanjaarden weer kunnen verenigen achter de vertrouwde traditionalisten, veilig en geborgen in de vertrouwde volksalliantie van weleer; het is een bijkomend voordeel dat men ook meteen de grote corruptieschandalen zou vergeten waarin de leden van de Partido Popular en het Bourbonse Koningshuis verwikkeld zijn geraakt (zoek desgewenst op “Gürtel”).
 

Er staat veel op het spel. De Spaanse regering is al meer dan een half jaar bezig om de prominente voorstanders van de Catalaanse onafhankelijkheid te verbinden met gewelddadigheid; zodra en in zoverre ze dát lukt, maken hun aanklachten van rebellie kans om ook in de ogen van het internationaal recht te worden erkend. Puigdemont wordt ook niet uitgeleverd/overgedragen op grond van het Europees aanhoudingsbevel op last van rebellie omdat ze de koppeling met georganiseerd geweld nog niet overtuigend hebben kunnen maken. Maar misschien dat ze dat met toegenomen provocatie en verdachtmaking het op termijn wél zou lukken.

Update d.d. 11 april 2018:El Periodico (https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180410/guardia-civil-dete-membre-cdr-protestes-peatges-setmana-santa-6746368)
De werkelijke daden zijn tot nu toe de blokkades van snelwegen en juist het open gooien van de tolpoortjes, maar mevrouw C. heeft wel gefantaseerd over toekomstige acties, publiekelijk én in militante bewoordingen, met als optiesde blokkade en “inname” van de luchthaven, de haven en het complex van voedselgroothandels (Mercabarna). (https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180410/audio-detinguda-cdr-parar-port-mercabarna-vaga-indefinida-6746938)

Laat ik het duidelijk zeggen: ik heb geen enkele sympathie voor anarchisten – in zoverre dat die de CDR domineren. Hier brengen ze het proces van afscheiding alleen ook maar in gevaar. Maar goed, terrorisme? Wordt ze nu niet toch op verklaarde intentie vervolgd?

Update d.d. 13 april 2018: de rechter van de Audiència Nacional heeft de eis van de aanklager (Fiscalia) om Tamara C. te vervolgen gedeeltelijk afgewezen en geoordeeld dat er geen sprake is van “terrorisme” (max. levenslang) of “rebellie” (max. 30 jaar) maar wel van de verstoring van de openbare orde (waarop een maximum straf staat van 6 jaar). De vrouw is voorwaardelijk vrijgelaten maar de zaak is nog niet afgelopen – de zaak zal voor een ander hof worden voortgezet. Het openbaar ministerie meent namelijk dat ze toch moet worden beschouwd als een lid van een organiserend management team van een criminele organisatie die gericht is op rebellie en seditie; en dat met haar acties en verklaringen – en vooral de vooralsnog geheime plannen die men veronderstelt te bestaan –  het vermeende gewelddadige karakter van het proces van afscheiding een “vertaling op straat” zou hebben gekregen. En zo wordt deze strafzaak nadrukkelijk verbonden met de zaken tegen Puigdemont en Trapero. (“Segons el ministeri públic, amb aquestes conductes “es trasllada al carrer amb actuacions violentes el procés sobiranista català que s’investiga en dos procediments al Tribunal Suprem i l’Audiència Nacional, com una clara amenaça directa a l’ordre constitucional establert”. Es refereix al seguit contra el Govern de Puigdemont i la Mesa del Parlament que va permetre la tramitació de les lleis de desconnexió i a l’obert contra el major dels Mossos, Josep Lluís Trapero, i la cúpula política del cos.” (https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180412/jutge-preso-terrorisme-detinguda-cdr-6752644). Zie ook, in het Engels, Catalan News: http://www.catalannews.com/society-science/item/terrorism-and-rebellion-charges-dropped-against-pro-independence-activist.

Schotten op de bres voor hun Catalaanse hoogleraar (De Catalaanse Troebelen 26)

De Spaanse justitie eist van Schotland de uitlevering van Clara Ponsatí, de verdreven minister van de Catalaanse regering en mede-organisator van het referendum over onafhankelijkheid die weer is terug gekeerd naar haar Schotse leerstoel. Zij wordt beschuldigd van seditie en rebellie en dat kan de 61 jarige hoogleraar 25 tot 30 jaar gevangenisstraf opleveren.
 
“The 61-year-old professor of economics at St Andrews University had helped to organise a peaceful independence referendum in her native Catalonia and thereafter to serve in its short-lived government. The charge of violent rebellion follows those distressing scenes in which vicious packs of unarmed Catalan citizens attacked police shields and batons with their heads and left the boys in the riot gear bereft and traumatised.” (Kevin McKenna in The Guardian van 8 april 2018)
 
Mooi gezegd. Kevin McKenna kwalificeert vervolgens de lauwe reactie van de EU op het Spaanse staatsgeweld als voorspelbaar: betaal gewoon je lidmaatschap en dan kijken we wel weg. Weinig Europese Unie lidstaten hebben Spanje gevraagd om te komen met een rechtvaardiging van het staatsgeweld en de draconische vervolging van de leiders van de Catalanisten. En dan stelt McKenna de hamvraag: “No one has asked: “So why did you insist on violent suppression when you could simply have ignored the referendum and opted not to recognise it?””
 
Een mogelijk antwoord hoorde ik vanmorgen bij het ontbijt (van Feliz): wie heeft het nu nog over het alomvattende corruptieschandaal van de regeringspartij PP? De bliksemafleider doet zijn werk. Het speelt zeker een rol. Maar het is misschien ook zo, stel ik op persoonlijke titel ter overweging voor, dat de Spaanse nationalisten moeilijk anders kunnen of willen doen dan met hun militaristische laars te blijven trappen op “de anderen” die maar niet willen meedoen aan de eeuwige glorificatie van “De Monarchie” (mijn meest recente inspiratiebron voor deze persoonlijke observatie is Ramón Cotarelo & Jose Manuel Roca, La Antitransición. La derecha neofranquista y el saqueo de España, Tirant Humanidades: Valencia 2015, 88-89).  
 
De Schotten lopen nooit weg van een goed gevecht, stelt McKenna vast, en zij zullen zich hevig verzetten tegen de overdracht / uitlevering van Ponsatì. En daarbij zijn ze de geschiedenis niet vergeten. McKenna geeft haarfijn aan welke geschiedenis echt relevant is in deze zaak. “Ponsatí’s fate will rest on the efforts of her Scottish lawyer, Aamer Anwar, and the rigorous application of Scots law and a legal system that can trace its lineage to the 12th century. In that Edinburgh courtroom, it won’t be Ponsatí’s conduct that will be scrutinised but the conduct of a country still, it seems, haunted by General Franco, another Spanish leader who attacked his own people.
       During the Spanish civil war, 549 Scottish volunteers fought Franco and his fascists after he led a rebellion against the outcome of a democratic election. The volunteers were backed by funds raised in the grassroots Aid for Spain campaign in Scotland, which was among the republic’s biggest financial supporters at that time.
       More than 80 years later, another Scottish grassroots fund is helping its adopted Catalan citizen escape the clutches of the successors to Franco.”
 
https://www.theguardian.com/commentisfree/2018/apr/08/spain-scotland-catalonia-eu-extradition-mckenna-ponsati-independence-sedition
 
PS. Ik hoop dat het me wordt vergeven dat ik zulke lange stukken tekst van McKenna heb geciteerd. Zijn artikel is van harte aanbevolen. 

¡Vrolijk Pasen! (De Catalaanse Troebelen 25)

De Spaanse versie van “The Passion” is wel een héel naargeestige musical. Hij is gisteren uitgerold over meerdere plaatsen in het land. Ook in Catalonië.
De grote voorstelling was tijdens de opening van de Heilige Week in Malaga. Geüniformeerde leden van het Spaanse Legioen droegen het kruisbeeld in de processie van de Christus van de Goede Dood, hun beschermheilige, door Málaga. De opening van de Heilige Week in die stad biedt het “Legión Española”, of de “Tercio”, jaarlijks de gelegenheid om de trots en de “eer” van het legeronderdeel te vieren en te manifesteren. Dat legioen is in 1920 opgericht als Vreemdelingen Legioen om de Marokkaanse berbers van het Rif-gebergte te verslaan (Raymond Carr, The Spanish Tragedy. The Civil War in Perspective, Londen 1993, 145: het was alleen in naam vergelijkbaar met het Franse Vreemdelingen Legioen omdat er echt maar een paar buitenlandse vrijwilligers in zaten). Dat heeft het met verve gedaan. Het Legioen heeft in 1934 de stakingen van de linkse mijnwerkers van Asturias neergeslagen (Paul Preston, The Spanish Holocaust. Inquisition and Extermination in Twentieth-Century Spain, London 2012,  81 e.v., inz. 84), vormde samen met de Guardia civil en de Afrikaanse troepen de ruggengraat van het nationalistische leger van Franco en is tijdens de gehele Spaanse burgeroorlog de geharde elite-eenheid en lijfwacht van de dictator gebleven die, ik zou het bijna vergeten te melden, persoonlijk betrokken was geweest bij de oprichting van het korps (Raymond Carr, The Spanish Tragedy. The Civil War in Perspective, Londen 1993, 135, 148; Victor Alba, Transition in Spain. From Franco to Democracy, translated by Barbara Lotito, New Brunswick NJ, 1978, 118, 133-136, 179; Stanley G. Payne, The Franco Regime 1936-1975, London 2000 [orig. 1987], 71-72).  Het onderdeel is nooit ontmanteld, ook niet na de “transitie” tot een moderne “democratie” en doet nu nog steeds dienst, met kennelijk (blijkens de manifestatie van gisteren) onverminderde trots op de “korpstraditie”, in het Spaanse leger en het neemt daarmee ook gewoon deel aan internationale acties zoals die in Irak. De bevolking van Málaga is klaarblijkelijk ook erg blij om geassocieerd te zijn met dit Legioen.

Kruisbeeld gedragen door leden van de Tercio, Heilige Week, Málaga 2016 (Wikimedia Commons)


Het is een martiale ceremonie van jewelste. Neem gerust even de tijd om een stukje van dit videootje te kijken van de processie in 2018 (of, in betere resolutie, van die van 2016 of nog een van 2017). 
Vooraan in een uitzinnig trotse menigte stonden dit jaar vier bewindslieden van de Spaanse regeringspartij Partido Popular: de ministers van Defensie, van Binnenlandse Zaken, van Onderwijs en van Justitie. Zij vierden aldus meteen de geschiedenis van de eigen partij door uit volle borst de hymne van het Legioen mee te zingen, in koor met de militaire dragers van het kruisbeeld en de verzamelde troepen: “El novio de la muerte”. Dit marslied gedenkt hoe de eerste legionair in de oorlog tegen de berbers van het Rifgebergte sneuvelde, als een naamloze soldaat zonder eigen personaliteit anders dan die van de legionair die trouw is aan zijn vlag en zijn wapenbroeders (voor de tekst: http://www.laopiniondemalaga.es/semana-santa/2017/04/03/letra-novio-muerte-e-historia/921214.html; voor de geschiedenis van het lied en dat van de daadwerkelijk eerste gesneuvelde van het legioen, zie: http://www.abc.es/cultura/abci-legionario-espanol-deseaba-morir-melilla-para-reunirse-amada-fallecida-201609210112_noticia.html; en  http://www.abc.es/historia-militar/20140319/abci-novio-muerte-cancion-cabaret-201403181222.html). Het is het lijflied geworden van alle legionairs: “Destined to serve as elite shock units, the tertio volunteers gained the grim sobriquet Los novios de la muerte – The Bridegrooms of Death” (Stanley G. Payne, The Franco Regime 1936-1975, London 2000 [orig. 1987], 71).  Het is niet zonder dramatische intentie dat de hymne “wel eens” wordt gezongen door Spaanse unionisten –  nationalisten – wanneer ze gaan demonstreren tegen de Catalanisten, zoals in deze video in de metro van Barcelona in 2016. 

        Niemand daar in Málaga lijkt enige moeite te hebben met de sterke associaties die de vertoning rond de Paasviering met de legionairs bij velen waarschijnlijk oproept aan koloniale en fascistische slachtpartijen en onderdrukking. En voorkennis is nauwelijks nodig: bekijk de video op de pagina van El Periodico en zeg me dat dit niet lijkt op een scene van de 1930er jaren: https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180330/ministres-zoido-catala-mendez-vigo-himne-legio-processo-crist-bona-mort-malaga-6724646. Sorry hoor, ik ben helemaal voor de viering van militaire eer, maar dit spreekt gewoon de taal van het fascisme. En de nationalisten schamen zich er niet voor.
Het is toch op zijn zachtst gezegd verdacht dat men niet eens de moeite heeft genomen, bij de “Democratische Transitie”, om de legereenheden die besmet waren met – nee: geboren waren in – een fascistisch verleden te hernoemen? Laat staan te hervormen. Dat hebben ze ook niet willen doen, in dat schijnproces van amnesie en amnestie dat culmineerde in de nu zo gebrekkig gebleken grondwet, om zo niet toe te geven dat ze ooit fout zaten. De Guardia Civil bestaat ook nog gewoon. Het is alsof de Bondsrepubliek Duitsland vandaag een VN vredesmissie  zou laten uitvoeren door de “Leibstandarte SS Adolf H.”, compleet met banieren, emblemen en liederen van de 1940er jaren, onder de verontschuldiging dat dit legeronderdeel toch echt niet meer hetzelfde is als dat van vroeger! O ja, en dan zouden de veteranen jaarlijks luidkeels in uniform paraderen door de Plantage Middenlaan. In de ganzenpas van Málaga. Sta maar even stil bij deze gotspe.

 

Attribution: Christ of the Good Death carried by the Legion in the Holy Week of Malaga, 01/04/2014,
Archivo de la siguiente URL: http://st-listas.20minutos.es/images/2010-03/204811/2235397_640px.jpg?1333809514 perteneciente a a la web 20minutos.es que está acogida bajo la licencia Creative Commons http://www.20minutos.es/especial/corporativo/creative-commons/

 

       Maar het is op zich al schokkend om te zien hoezeer het Paasfeest hier gemilitariseerd is geworden. Het geüniformeerde legioen draagt het kruisbeeld en zingt het regimentslied van de gesneuvelde soldaat, zó hard, dat we ons kennelijk moeten inbeelden dat hij de liggende Christus zelf is. De dood voor het vaderland is immers de Goede Dood. Ja, ik verzin het niet. Christus is door het Spaanse leger ingelijfd. Postuum geronseld. De Spaanse overheid heeft bepaald dat alle vlaggen op gebouwen van het Ministerie van defensie halfstok moeten hangen ter gedachtenis van de dood van Jesus (https://www.theguardian.com/world/2018/mar/29/spains-military-in-row-over-flags-at-half-mast-for-easter). Christus! In dit land van de Meest Katholieke Monarchie zijn Kerk en Staat dus toch nog echt niet helemaal gescheiden. 
    En de Catalanen krijgen de infame verheerlijking van het gelijk van de overwinnaar ook opgedrongen – net als de stierengevechten, de Castilliaanse taal en de verering van het Bourbonse koningshuis. In Palafolls liepen gisteren veteranen van het Legioen prominent én in uniform de lokale processie  gelijktijdig met hun wapenbroeders in Málaga. Alle pogingen om deze smakeloze manifestatie van Spaans nationalisme uit de lokale viering te houden zijn mislukt (https://www.ara.cat/societat/Tensio-Palafolls-desfilada-dels-exlegionaris_0_1987601296.html; voor een Engelstalig bericht: http://www.catalannews.com/society-science/item/military-religious-parade-in-catalan-town-goes-ahead-despite-protests). De leden van het broederschap van veteranen van het Spaanse Legioen zongen “El novio de la muerte”, zwaaiden met Spaanse vlaggen, bejubelden de koning en slaakten nationalistische kreten als “Spanje Boven Alles!” en “Leve de Guardia Civil!” (“¡ Arriba España! ¡Viva la Guardia Civil! ” – dat laatste moet wel verwijzen naar de acties van 1 october vorig jaar; de eerste kreet was overigens de groet van de nationalisten tijdens de burgeroorlog, waarvoor zie Victor Alba, Transition in Spain. From Franco to Democracy, translated by Barbara Lotito, New Brunswick NJ, 1978, 136). Christus is aldus misbruikt om een klein stadje van 9000 inwoners te overspoelen met mensen van buiten de streek die een pro-unionistisch en anti-Catalanistisch punt wilden maken (https://www.ara.cat/societat/Tensio-Palafolls-desfilada-dels-exlegionaris_0_1987601296.html).

¡Vrolijk Pasen!

Nawoord d.d. 10 april 2018. Er is ophef ontstaan over een “tweet” van de politicoloog Ramón Cotarelo (leermeester van Podemos’ Pablo Iglesias en thans kandidaat voor de ERC): “En diegenen die zingen ‘ik ben de verloofde van de dood’, waarom trouwen ze dan niet meteen om vervolgens op huwelijksreis te gaan naar de hel?” (Y estos que cantan “soy el novio de la muerte”, ¿por qué no se casan ya con ella y se van al infierno de luna de miel?) (https://casoaislado.com/ramon-cotarelo-ideologo-podemos-candidato-erc-desea-la-muerte-los-legionarios-no-se-van-al-infierno/)

Friese doorlopers

Friese doorlopers opgedoken uit de berging.

Naar aanleiding van een nostalgisch Facebook berichtje van een mij onbekend persoon vandaag (“Wie heeft hier vroeger nog op geschaatst?” met vele honderden reacties) heb ik de doorlopers uit onze berging opgedoken voor de foto. Midden en rechts de collectie van (verroeste) Friese doorlopers, sommigen met een logo in het hout dat ons verzekert dat het hier gaat om echt “Friesch Fabrikaat” (met gekruiste vlaggen en een koningskroon); allen dragen in het metaal de inscriptie “FRIESE SCHAATS”. Links de moderne doorloper van kunststof van Zandstra waar onze dochter nog op heeft geschaatst en dat ging best goed. Supergoed zelfs! Later zou ze “hockey” schaatsen krijgen waar ze echter nog veel beter mee uit de voeten kwam. In het Facebook “draadje” hebben meerdere mensen nog frisse herinnering aan het geklungel met bevroren vingers aan de linten. Ze leken altijd te lang. Ik heb ermee geschaatst in de laat 1960er en vroeg 1970er jaren. Tot ik de Noren kreeg. Tegenwoordig heb ik ook “Hockey” achtige schaatsen. Maar ja, geen ijs.

 

De Catalaanse Troebelen 24 – De Spaanse koning niet welkom op staatsbezoek in de Catalaanse Republiek

De Spaanse koning Felipe VI wil vandaag (25 februari 2018) een congres in Barcelona komen openen (MWC 2018). De burgemeester van Barcelona, Ada Colau (Podem), weigert hem ceremonieel te ontvangen omdat hij zich niet onpartijdig heeft opgesteld in de nasleep van het staatsgeweld tegen het Catalaanse electoraat op 1 october. Ze verwijt hem geen greintje empathie te hebben betoond met de duizenden vreedzame burgers die erdoor getroffen zijn, waaronder de talloze burgers voor wiens bescherming zij, als burgemeester, de verantwoordlijkheid draagt. Ook de voorzitter van het nieuwe Catalaanse parlement, Roger Torrent (ERC), weigert de koning te ontvangen om dezelfde redenen. Vanuit Brussel heeft de (voormalige en mogelijk toekomende) Catalaanse president Puigdemont (PDeCat, JuntsxCat) verklaard dat de koning van Spanje pas welkom is om op staatsbezoek te komen in de Catalaanse Republiek zodra hij zijn excuses heeft aangeboden voor zijn verwijtbare nalatigheid. De maatschappelijke organisatie Omnium (die naar onafhankelijkheid streeft) heeft de bevolking opgeroepen vandaag te protesteren tegen de aanwezigheid van koning Felipe door hem luid te betoeteren met claxons, potten en pannen. Ik ben benieuwd wat dat in de komende week voor leuk item oplevert in het programma Blauw Bloed. En dan zullen we aan de verontwaardiging aan Spaanse zijde zien wie de écht enge nationalisten zijn.
 
Bronnen? Het staat in alle Catalaanse nieuws-websites.
 
Engelstalig bericht:
http://www.catalannews.com/politics/item/barcelona-mayor-won-t-attend-king-of-spain-s-official-reception
 
El Món
http://elmon.cat/politica/colau-acusa-felip-vi-dhaver-causat-dolor-catalunya
 
Catalunya Press
http://www.catalunyapress.cat
 
Nació Digital https://www.naciodigital.cat/noticia/149319/torrent/colau/abanderen/malestar/institucions/catalanes/amb/felip/vi
 
TV3
http://www.ccma.cat/324/puigdemont-diu-que-catalunya-rebra-el-rei-com-a-maxima-autoritat-quan-demani-perdo-per-l1-o/noticia/2840357/
 
Ara.cat
https://www.ara.cat/politica/Carles-Puigdemont-VI-Republica-Catalunya_0_1967803384.html
 
La Vanguardia
http://www.lavanguardia.com/politica/20180225/441065208842/puigdemont-rey-felipe-vi-twitter-mobile-world-congress.html
 
El Periódico
https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180224/colau-no-participara-en-la-rebuda-oficial-al-rei-amb-motiu-de-lmwc-6647423
https://www.elperiodico.com/es/politica/20180225/puigdemont-insta-a-secundar-la-protesta-contra-el-rey-6648894
 
En in de Spaanse pers, bijv:
https://politica.elpais.com/politica/2018/02/25/actualidad/1519553007_000291.html
https://elpais.com/ccaa/2018/02/24/catalunya/1519469905_170580.html

De Catalaanse Troebelen 23 – democratische actie gelijkgesteld met georganiseerde criminaliteit

De Guardia Civil stelt de organisatie van het referendum over Catalaanse onafhankelijkheid van 1 october vorig jaar gelijk aan “georganiseerde criminaliteit” (https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180214/informe-guardia-civil-1-o-referendum-unilateral-tribunal-suprem-6624763). De Spaanse Justitie is het daar klaarblijkelijk mee eens want de meest prominente organisatoren zijn nu al bijna vier maanden in “voorlopige” hechtenis – dat wil zeggen meer letterlijk “preventieve” hechtenis want ze zouden nog steeds dezelfde democratische idealen nastreven (o.a. http://www.catalannews.com/politics/item/junqueras-appeals-to-spain-s-constitutional-court-for-freedom). Zolang de Catalanisten niet voor (georganiseerde) gewelddadigheden kunnen worden veroordeeld, blijft hun recht om te ijveren voor zelfbeschikking echter overeind in internationaal recht (o.a. http://www.lirb.nl/historia-the-historyliner/de-catalaanse-troebelen-22-twijfels-over-de-kwaliteit-van-de-spaanse-democratie/). Toch gedoogt de EU, geheel in tegenspraak met de morele grondvesten van de unie, nog steeds het feit dat een van de lidstaten nu al langer dan 100 dagen burgers in politieke gevangenschap houdt. Daarbij verbleekt de schande van onze Halbe leugens.
 
Tot dusver zijn de Spaanse autoriteiten er niet in geslaagd om aannemelijk te maken dat er sprake was van gewelddadige actie ten behoeve van het onafhankelijkheidsstreven, noch van het feit – op enkele incidenten na – noch van de intentie ertoe of de organisatie ervan. Er is met groot omhaal gesproken over het lot van de Spaanse diender die tijdens het politiegeweld een snee in zijn vinger heeft opgelopen; over de stoel die tegen een lid van de Spaanse oproerpolitie aan is gegooid toen hij het stemlokaal binnenstormde; over de twee gevallen waar een Catalaanse burger tegen een gevloerde Spaanse diender heeft geschopt; en over het omgooien van dranghekken op straat voor de wielen van Spaanse politiewagens (o.a. http://www.ccma.cat/324/un-traumatisme-al-dit-entre-les-lesions-mes-greus-als-policies-nacionals-l1-o/noticia/2835593/). Maar dat zijn individuele acties geweest die numeriek in het niet vallen tegen de talloze gevallen van het systematische politiegeweld waarvoor op 1 october meer dan 1000 burgers zich medisch hebben moeten behandelen. In Girona zijn inmiddels de processen begonnen tégen dat Spaanse politiegeweld – er staan meer dan 200 zaken op de rol – maar de slachtoffers hebben tot nu toe van de rechters alleen maar tegengeworpen gekregen dat ze maar niet medeplichtig hadden moeten zijn aan de illegaliteit van dat referendum (https://www.ara.cat/comarquesgironines/Girona-dintentar-culpabilitzar-les-carregues-policials_0_1960004124.html). De regering, justitie en de guardia Civil zijn er zeer op gebrand om de suggestie te wekken (of neutraler gesteld “te bewijzen”) dat de Catalanisten toch bewust hebben aangezet tot geweld.
Pas wanneer “het proces” (de weg naar onafhankelijkheid) aldus gecriminaliseerd zou zijn geworden, zouden de Catalanisten zich in althans déze samenstelling van betrokkenen diskwalificeren als democraten in het licht van het internationaal recht. Dat staat immers alleen vreedzame middelen toe. De unionisten (zij die Spanje bijeen willen houden) willen de Catalanisten dus maar al te graag zien als (potentieel) geweldadig.
Toen een paar dagen geleden de Spaanse televisiezender TVE een Catalaanstalige verklaring van de ANC (Assemblea Nacional Catalana) in Castiliaanse betiteling vertaalde, maakte de vertaler een “fout” waardoor ten onrechte de suggestie van gewelddadige intentie werd gewekt: de ANC verklaarde namelijk zijn intentie om steun te mobiliseren voor  “moedige acties”, of die zelf te ondernemen, tegen de nalatigheid (van de rechtsstaat) om het machtsmisbruik van de staat aan de orde te stellen alsook de belemmering van de aanstelling van Puigdemont als democratisch gekozen president van Catalonië (o.a. https://www.elperiodico.cat/ca/politica/20180212/tve-tradueix-accions-valentes-per-accions-violentes-en-una-noticia-sobre-lanc-6618190).

De verklaring van de Assemblea Nacional Catalana van 10 februari 2018

 

In de grafische aankleding van het beeld is een Castiliaanse titel aangebracht met een betekenisvolle fout. Still van een beeld van de TVE uitzending gereproduceerd door onder meer El Periodico.

In de grafische aankleding werd “moedige acties” vervangen door “gewelddadige acties”, en dat is “acciones violentas” in het Castilliaans (zie voor het videofragment https://www.vilaweb.cat/noticies/video-tve-tradueix-valentes-per-violentes-en-un-comunicat-de-lanc-rtve-manipulacio-assemblea/) . Het is dus alsof men in plaats van “accions valentes” de  woorden “accions violentes” las. Zo heeft de nationale televisiezender bij het algemeen publiek van overwegend unionisten in Spanje de suggestie van criminele intentie gewekt. Het verweer dat de vertaler gewoon een foutje zou hebben gemaakt (…bedankt) is ongeloofwaardig – al zou dit ironisch genoeg mooi  demonstreren hoezeer het taalverschil al verwijst naar de eigenheid van de Catalaanse cultuur. Velen zien er toch een kwade opzet in van de nationale televisiezender. De ANC heeft aangekondigd aangifte te doen van bewuste manipulatie van nieuws door RTVE (http://www.catalannews.com/society-science/item/pro-independence-organization-to-take-legal-action-against-spanish-tv). Kwade opzet of niet, de effecten zijn hoe dan ook reëel: de suggestie van een gewelddadige intentie van de Catalanisten is immers weer gewekt of versterkt en dat kan op termijn grote gevolgen hebben voor de wijze waarop het Spaanse publiek de eventuele ontwikkelingen op het gebied van internationaal recht zal interpreteren en op welk draagvlak de unionisten uiteindelijk zullen kunnen bouwen.

Want over onafhankelijkheid gesproken: zou de pers daar niet naar moeten streven?