Populistische roeptoeters en lawaaipapegaaien

Gareth Stedman Jones, Karl Marx: Greatness and Illusion (Penguin [2016] 2017).

Misschien wordt er tegenwoordig wel gewoon teveel gewauweld, geschreeuwd, gescholden en gespot. Waarden zijn belangrijk, vanzelfsprekend, zoals democratisch engagement, rechtvaardigheid, waardige opvang van vluchtelingen, burgerlijke vrijheden en gelijke behandeling, etc. Maar het sociaal contract kan toch altijd nog ernstig worden ondermijnd door de grote verschillen in de mate waarin mensen blijken te kunnen delen in de welvaart. Ouderwetse praat, misschien, maar zeker niet irrelevant: zowel eigentijds rechts als links als zwevend in een parallel politiek universum  zal toch iets kunnen vinden in dit oude motto: “De werkelijke beschaving van landen zit niet in hun meningen en gebruiken, maar veeleer in hun welvarendheid.” (“La civiltà reale delle nazioni non consiste nelle opinioni e nelle maniere, ma sì bene nella loro prosperità.” Motto op het titelblad van Carlo Afan de Rivera’s Considerazioni su i mezzi da restituire il valore proprio a’ doni che ha la natura largamente conceduto al Regno delle Due Sicilie, 2e editie, Napoli 1833.) Het is een variante voorloper van een beroemde uitspraak van Berthold Brecht, die ik evenwel jarenlang ten onrechte blijk te hebben toegeschreven aan Karl Marx: “Eerst komt het vreten, en dan de moraal” (“Erst kommt das Fressen, und dann kommt die Moral.” (Kurt Weill en Bertolt Brecht, Die Dreigroschenoper, 1928). Ja, maar dan komen we toch terug bij Marx. Vandaar zet ik vandaag op mijn verlanglijst (Feliz: “Wait for it!”): Gareth Stedman Jones’ Karl Marx: Greatness and Illusion (Penguin: London 2017).

Ganzenleed. Een Facebook stukje

Gossa raakte vandaag zeer gespannen (overspannen zelfs) van het herhaaldelijke geknal in de verte. Eerst ’s ochtends, later in de middag en nu net ook in de vroege avond. Er wordt geschoten en dat lijkt op vuurwerk. Daar heeft ze slechte herinneringen aan. PTS.

Wonderlijk toch hoe op de ene plek op een afstand van 6km van het centrum van de luchthaven Schiphol, in Hoofddorp, de brandweer wordt ingezet om een paar ganzen te proberen te redden van de ondervoeding, terwijl er in een straal van 10 km rond de luchthaven in deze periode extra jagers zijn opgeroepen om vanwege de luchtverkeersveiligheid de ganzen af te schieten – het is een zachte winter geweest.

Voor het eerste bericht:
http://hcnieuws.nl/lok…/ganzen-laten-zich-niet-vangen-240433

Voor het tweede bericht:
https://www.jagersvereniging.nl/spin-column-voorzitter-jag…/

PS. Het is een grappig toeval, in verband met dit stukje, dat de spellingsdemon van Facebook de naam Gossa steeds vanzelf wil veranderen in “Goose”.

Vacantietip! Vergeet uw Nederlandsche Eau de Cologne niet in te pakken.

Tijd voor een onbenulligheid. Tijdens de pauzes genieten we al van de komende vacantie.  Feliz zegt het vaak genoeg: “vacantie” schrijf je met een “c”. Dat doen we immers overal waar er nog ruimte is: zoals het geval is bij een vacature. Of in een vacuum. “Vacancies”. Of moeten we zeggen: “Zimmer Frei”? Want de “k” in het woord “vakantie” hebben we te danken aan de Kultur Politik van de Duitse bezetters. Dat de afwijcende spelling na de bevrijding is gehandhaafd, met overigens ook de tijdzone, is eigenlijk mercwaardig. Hardneccig ooc: de spellingskorrektie van mijn blog wil er ook steeds een “k” van macen. Océ, genoeg, gehen wir wieder an die Arbeit! Back to the Grind.

En vergeet dus straks de Eau de Cologne niet in te pakken als u op vacantie gaat, het Keulse reukwatertje uit Amsterdam. Deze “odeklonje” werd geproduceerd door een oud familiebedrijf dat reeds in 1789 door J.C Boldoot aan de Nieuwezijds Voorburgwal was begonnen (vanaf hier volg ik de informatie van Wikipedia, s.v. “Boldoot”). In 1874 werd het Keulse 4711 in de Amsterdamse firma ingebracht. Het bedrijf was zijn tijd vooruit, met een vroege gasmotor en een van de eerste telefoonaansluitingen. Het merk is herhaaldelijk verhandeld en “verhuisd” (Organon, AKZO, Britsh American Cosmetics, Douwe Egberts-Sara Lee) maar is uiteindelijk toch weer terug gekomen bij een nazaat van de oorspronkelijke familie. Het merk bestaat nog. Het Amsterdamse reukwatertje “odeklonje” was lange tijd zozeer een begrip dat de Amsterdammers hun beerwagen of strontkar kennelijk ook wel de Boldootkar noemden. Zoals de advertentie uit 1934 het wil: “Ge frischt er heelemaal van op” en “de heerlijke geur is ’n weldaad voor Uzelf en Uw omgeving.”

 

Advertentie in De Telegraaf van 12 juli 1934 (KB Delpher). Vacantie schrijf je met een "c"

Advertentie in De Telegraaf van 12 juli 1934 (KB Delpher). Feliz zegt het vaak genoeg: “vacantie” schrijf je met een “c”.

Kooikerhondje in de branding

Gossa had gisteren een verjaardag, niet van haar geboorte, maar van haar eerste dag bij ons. Dat hebben we gevierd met een lange lentewandeling langs het strand van Noordwijkerhout.

Onze kooikerhond Gossa druk in de weer op het strand van Noordwijkerhout. ©2017 Huib J. Lirb

Onze kooikerhond Gossa druk in de weer op het strand van Noordwijkerhout. ©2017 Huib J. Lirb

Oud-Hollands Genieten

Zonder op een nationalistisch trommeltje te willen slaan, presenteer ik vandaag toch graag een oer-Hollands beeld met een kooikerhond en een klomp. Het verlies van de klomp wordt betreurd. Gossa blijft niet graag alleen in huis. Dan wordt er iets gesloopt. Steevast. En vandaag brak mijn klomp.

Gossa met klomp 170209 ©2017 Huib J. Lirb

Gossa met klomp ©2017 Huib J. Lirb

Wie dit leest is spekkoper!

Een nieuwe iPhone? Cool. Het publiek is altijd zeer geïnteresseerd geweest in de nieuwste telefoons. Annonce van een nieuwe telefoonaansluiting van een spekslager uit Delft in 1900.

Het publiek is altijd zeer geïnteresseerd geweest in nieuwe telefoontjes. Annonce van een nieuwe telefoonaansluiting van een spekkoper uit Delft in 1900 (Delftse Courant 20 juni 1900)

(KB, Delftse Courant 20 juni 1900)

Volg de beleefde aanbeveling op en word spekkoper!

“Badmeester, word ik al bruin?”

“Badmeester, word ik al bruin?” Dat ligt eraan. Heeft u wel genoeg frisse lucht genoten?

"Badmeester, word ik al bruin?"  Marina di Bibbona, September 2016

Goed insmeren, Marina di Bibbona, Toscana, September 2016 ©2016 Huib J. Lirb

Tip voor mijn vrienden die weer, net als ik, een hele winter door zullen moeten komen. Vergeet de zon. Geniet van de frisse winterlucht en ge zult u kunnen verheugen over een mooie bruining.

“Dat men te letten hebben op het verschil der couleur van den bruinen landman, die in de zuivere buitenlucht verkeert, en van den bleeken stadbewooner, die binnen de muuren eene onzuiverer lucht inademt, terwyl hy, die in de gevangenis opgesloten is, nog bleeker aanzien verkrygt. Ik ontken hiermede echter niet den invloed, die de zonneschijn op de huid veroorzaakt, en die zich des zomers op veele menschen duidelijk laat zien, maar die ook des winters weder verdwynt en dus onbestendig is. Geen wonder derhalven, dat de Geneeskunst voor zwakke tedere gestellen het buitenverblyf boven het stadsleven aanpryst, en de kragten des lichaam door den invloed der lucht alleen doet wederkeeren; maar dit leerde ons de ondervinding, vóór dat wy het konden verklaaren.” (Anon., Algemeen magazyn, van wetenschap, konst en smaak, Vde Deel, IIde Stuk. D’Erven P. Meijer en G. Warnars: Amsterdam 1791, Koninklijke Bibliotheek, online geraadpleegd in PDF via Delpher, 912).

Die verklaring had de auteur van het encyclopedisch werk van 1791 gevonden in de scheikunde, in de overtuiging dat de “bruinwording” het effect is van de “loslaating der koolstof in de huid” tengevolge van de vlootstelling aan zuivere lucht, die nu eenmaal het meest aanwezig is in de warmste landen!  (ibidem, 911).

“Ma che bella abbronzatura che c’hai!”

Kooikerhond te water gelaten

Gos is voor het eerst te water gegaan, achter de eenden aan. ©2016 Huib J. Lirb

Gos (Gossa) is voor het eerst te water gegaan, achter de eenden aan. Na een paar slagen in de rondte te hebben gedaan, klampte ze zich vast aan de hoge oever die met grote stenen platen was afgedekt. Ze kon er niet zelf meer uitkomen. Haar redder – ondergetekende – zat daarna onder de stront van alle watervogels. Dat is lekker thuiskomen. Wist ze dan niet dat kooikerhondjes de eenden juist moeten lokken, met hun grappige staart, en ze niet moeten opjagen?  Het is waar dat er aanwijzingen zijn, uit 1582, 1678 en 1830, dat kooikerhondjes ook in de eendenkooi konden blijken te zwemmen, in het open water voor de vangpijp (A. Verstraeten e.a., Eendenkooien in Vlaanderen en Nederland en 7 andere Europese landen Lokeren 2011, 79), maar alweer geldt daarbij de mogelijkheid dat ze dat deden eerder om de nieuwsgierigheid van eenden op te wekken dan om ze de pijp in (en uit) te jagen.